Op zoek
- Jaap Ferwerda - Illustratie: Kelly Driedijk -
(Stadsapp)
Benno
Goedendag allemaal, ik ben 40 jaar en op zoek naar een vriendin, misschien weet je iemand of wil je me leren kennen? Ik heb geen leeftijdseis, misschien tot ziens, veel liefs, Benno.
(Met selfie van bebaarde, vriendelijk kijkende man met droevige ogen. Planken vol boeken en papier op de achtergrond)
Rocky
Daar heb je tinder voor
Anwar
Misschien zoek je ook een schoonmaakster?
Noor
Moet dat nou weer? Iemand onderuit schoffelen? Die man kan tenminste lezen!
Anwar
Denk je? Volgens mij is het rommel.
Janneke
Anwar hahah wie zegt dat ze huis niet schoon is. Maar inderdaad van die boeken en schriften op de planken zo krijg ik meteen error en jeukende handen anyway dat zegt niets over hygiene.
Kristien
Error?
Ken je bijmekaar in de nieuwe pendel? Volgens mij de eerste vrijdag van de maand, maar je zou kunnen kijken op de website van de nieuwe pendel
Christy
Klopt 1ste vrijdag van de maand zag 't gisteren voorbij komen.
Alies
Ook toevallig, ik weet wel iemand voor je
Benno
Ja? Stuur je me een pb’tje?
Alles wat zich onsympathiek voordoet is familie van meer, daar moet je rekening mee houden. Daarom zit ik in een café altijd tussen muur en toog, dan kan niemand mij in de rug benaderen. Zo heb ik al veel ellende kunnen voorkomen. Ik hoef alleen maar te denken aan die keer dat zwager Kees het café betrad, de kop naar voren, de schouders gespannen, één brok botte boksersinborst. Het enige wat je dan hoeft te doen in mijn positie is een lichte zijwaartse beweging te maken, zodat de vuist van de aanvaller ongenadig de muur raakt, waardoor hij zich jankend concentreert op zijn verwonding, bij voorkeur een gebroken pols. In dit geval bood zwager Kees me een pilsje aan, maar het had gekund evenzogoed.
Van dit soort voorvallen is mijn leven vol. Aan alle kanten dreigt het gevaar, want alles hangt en spant samen. Voorbeeld: vanmorgen fietste ik een eindje door de bossen. Ik woon in een landelijke omgeving met veel groen en weiland en van die zogenaamd rustige weggetjes waar de spanning om te snijden is. Bij het Beukenpad zag ik een auto op zijn kant in de sloot liggen. Er zat niemand in, de wegsleepdienst moest nog komen om zijn werk te doen. Ik bedoel maar. Nummer twee: even verderop stond een koe in de wei, maar dichterbij gekomen bleek het een stier te zijn. Op zich is dat niet erg, vergissen is menselijk, maar het was een symptoom. En als klap op de vuurpijl: de lucht was begonnen als hemelsblauw, geen wolkje te bekennen, maar naarmate ik verder van huis kwam, begon het blauw paarsig uit te slaan met zo’n kwaadaardige metalen glans. Toen had ik er echt genoeg van. De dreiging was voelbaar: dit zou slecht af-lopen. Mijn plan voor die middag was kasteel Guldenaer te bezoeken, maar ik besloot terug te gaan voordat een en ander uit de hand liep. Daarmee redde ik voorlopig de situatie. Het universum is nu eenmaal boos op ons en met reden.
Het was dus weer een dag van voortekenen en ik voelde me toch al niet geweldig. Toen ik thuiskwam opende ik de stadstapp. Ook zoiets, alles is al vreselijk, en dan moet je ook nog eens lezen dat de kat van hiertegenover is doodgereden. En dat de kat van de buren kwijt is. Maar dat de kat van een straat verderop weer terecht is. Feest! Iedereen wordt uitgenodigd. Ik word heel droevig van die dingen. En dat wil ik niet. In barre nood had ik me daarom een paar dagen geleden afgevraagd wat ik te kort kom en het antwoord lag voor de hand. Ik plaatste een oproep. En ziedaar: die Alies had me werkelijk een pb’tje gestuurd: ‘Beste Benno, ik heb even nagevraagd bij mijn vriendin en haar je foto laten zien en ze wil wel kennismaken. Je moet haar maar eens mailen op
Zo heet ze namelijk. Het beste is om af te spreken tussen de middag bij de lunchsalon van bakker Picard, want daar is het altijd behoorlijk vol en dat geeft haar een vertrouwd gevoel. Goh wat leuk! Ik hoop dat het klikt!’
Die lugubere vrolijkheid! Alles wees erop dat dit een ramp zou worden, maar je moet keuzes maken. Dus dan steek je je hoofd maar weer in de strop.
*
Mooi was ze niet, zoals ze daar aan kwam lopen, dat zeg ik er meteen bij, dat we geen misverstanden krijgen. Maar ik was bereid daar de hand mee te lichten, tenslotte, wie ben ikzelf helemaal? Een bedeesde veertiger met een uiterlijk dat ook geen prijzen wint. Ik wist meteen dat zij het was, want we hadden afgesproken dat ze een rode roos in haar haar zou doen en ik zou een rode roos vasthouden. Ja, je schaamt je kapot, maar het was haar idee en je gaat niet meteen dwarsliggen. Uiteindelijk wil je toch wel eens een vriendin op je veer- tigste. Op mijn veertiende wilde ik al een vriendin. Maar de dingen lopen zoals ze lopen en de tijd schrijdt voort en voor je het weet zit je met een belachelijke roos aan een cafétafel.
Ze lachte een beetje verlegen toen ze bij mijn tafeltje stond en zei zachtjes: ‘Jij bent toch Benno van de stadsapp?’, alsof de wereld vol zit met idioten met een roos in hun hand. Ik kon geen woord uitbrengen en knikte daarom maar een paar keer, om zeker te weten dat het overkwam. Ze ging zitten en keek me aan. Ik moest toegeven dat ze mooie, grote, sprankelende ogen had. Het woord ‘sprankelend’ ligt misschien moeilijk bij de gemiddelde weggebruiker, maar ik stel er prijs op om me helder uit te drukken. Als iets sprankelt heet het sprankelend. Haar irissen waren lichtgrijs en de pupillen diepzwart. Pupillen zijn eigenlijk gaten, de zwarte gaten waarin alle licht verdwijnt. Maar haar irissen gaven licht. Sprankelend.
Tenslotte, na een paar maal slikken, kreeg ik het voor elkaar om met een droge mond iets te zeggen.
‘Hallo.’
‘Wat zeg je?’
‘Hallo.’
‘O. Ja, hallo.’
‘Je hebt gelijk. Ik ben Benno. En dan ben jij Ellemieke.’
‘Ja, tenminste... de meesten zeggen El.’
‘Leuk. Leuk.’
‘Ja.’
‘Wil je iets drinken?’
Ze wilde cappuccino. Totdat die arriveerde wisten we geen van beiden iets te zeggen. Maar de zwier waarmee het meisje van bakker Picard de koffie neerzette en de wervende glimlach die zij ons toezond maakten dat wij van de weeromstuit begonnen te lachen, ook al reageer ik normaal met de diepste achterdocht op vrolijke personen.
Wij keken elkaar aan en op de een of andere manier veranderde er iets. Dit is weer typisch zo’n geval dat ik liever mijn tong inslik, maar terwijl wij in elkaars ogen keken gebeurde er iets, er lichtte iets op, er verschoof iets, de tijd stond stil, we waren even helemaal alleen op de wereld in een ballon van licht. En erger nog: wij zagen van elkaar dat we allebei hetzelfde voelden. Echt, ik kan niet geloven dat ik dit opschrijf. We stonden op, ik gooide zonder te kijken een briefje van twintig op de marmeren toog voor het meisje van Picard, dat met een zilveren stemmetje ‘Dank u! Tot ziens!’ riep, ik duwde Ellemieke in mijn auto en racete naar huis, we holden naar binnen, doken in bed en zijn daar drie dagen lang niet meer uit gekomen.
Wat in het vlees begint, wordt in de geest voltooid. Wie zei dat toch? Ik?
Als voortzetting van een ordinaire contactadvertentie klinkt dit natuurlijk ontzaglijk positief. En dat was het ook. Ellemieke en ik hadden een weekend van jewelste, een weekend zonder weerga, een weekend zoals in dromen voorkomt. Ellemieke, elke lettergreep wil ik uitspreken, niks geen El! El-le-mie-ke, dansend op mijn tong, trippelend als de voetjes van een ballerina. Het was de ijzerenheinige klok die ons weekend van genot verpestte, genot dat zich aan elke meting onttrok en ons het begrip ‘eeuwigheid’ als een klein, glanzend sieraadje op de mouw speldde. Die maandagmorgen werden we tegelijk wakker en keken elkaar aan. Op dat moment van de dag was sprankelen niet aan de orde. Langzaam kwam ons bewustzijn boven en zodra de realiteit over de drempel golfde sprongen we uit bed: werk! Zij moest naar de kleuterschool, waar ze juf is, en ik naar het Comenius College, waar ik Engels en CKV geef. Zelfs in het onderwijs vonden we elkaar. Puur toeval, maar ook dat gaf een glimp van bevrediging.
Toch moesten we uit elkaar, terwijl we elkaar nog maar net hadden gevonden. Schandelijk. We legden ons erbij neer, d.w.z. we kleedden ons haastig aan, konden nog net een boterham en een kop thee naar binnen werken, beloofden elkaar eeuwige trouw en sprongen in de auto. Ik bracht Ellemieke, licht van mijn leven, naar de Prinses Ireneschool, we beloofden elkaar nogmaals eeuwige trouw en ik scheurde door zodat ik nog net mijn eerste uur haalde, Havo 3b.
‘Benno, wat kijk je vandaag vrolijk!’ riep Gusta, toen ik het lokaal binnenkwam. Bij ons op school is het niet ongebruikelijk dat leerlingen hun docenten tutoyeren, al wordt dat niet door alle leerlingen gedaan. Gusta zit op de voorste bank, recht voor mijn docententafeltje, en is een van de woordvoerders van H3b, omdat ze van nature toch al haar mond niet kan houden. Ik zag dat de klas mij met verbazing aanstaarde. Normaal ben ik, vrees ik, een droefgeestige figuur, die alleen met diepzwarte humor zijn leerlingen aan het lachen krijgt en verder alleen maar te tolereren is omdat hij goed kan uitleggen.
‘Ja-a, Gusta,’ zei ik met een speelse intonatie, die voor mijn kinderen en ook voor mijzelf geheel nieuw was. ‘Dat komt, het gaat mij plotseling voor de wind, ik heb de wind in de zeilen, ik zit in de lift, ik vaar wel, ik heb het tij mee, ik zit op rozen, het leven lacht mij toe want ik ga als een speer. Hoeveel van deze uitdrukkingen zijn nieuw voor jou, Gusta?’
Ik neem doorgaans niet alleen de tijd om ze Engels bij te brengen, maar ook taal in het algemeen, en omdat het bij de jongste generatie belabberd gesteld is met de kennis van spreekwoorden en zegswijzen, breng ik die graag ter sprake.
Daarbij dacht ik dat het een slimme manier was om de aandacht af te leiden.
Gusta keek een paar tellen keurend naar mijn gezicht, draaide zich om en riep naar de klas: ‘Hij is verliefd!’
En daarop brak er een pandemonium los, waar mijn gezag minstens vijf minuten lang geen vat op had, want kinderen van vijftien kun je met niets zozeer in beweging krijgen als met het onderwerp ‘liefde’. Toen het kabaal wat inzakte, nam ik het woord en zei op mijn meest plechtstatige manier: ‘Dames en heren, alhoewel hier gesproken kan worden van een nieuwe en intrigerende situatie, behoud ik mij het recht voor mijn persoonlijke leven vooralsnog buiten beschouwing te laten, vragen dienaangaande pas later eventueel misschien mogelijkerwijs te beantwoorden, en thans een begin te maken met een groepsgesprek, waarin liefde, of, omdat dit nu eenmaal jullie Engelse les is, ‘love’ het onderwerp zal zijn. Gusta, the floor is yours.’
Gusta nam deze draai sportief op, maar voordat ze warrig en moeiteloos een verhaal over ‘love’ afstak zei ze nog wel met heldere stem: ‘Je bent nog niet van ons af, mannetje.’
Ellemieke kwam om halfvijf bij me. Nadat we hartstochtelijk geknuffeld hadden, zette ik thee en gingen we aan mijn keukentafel zitten. Ik vertelde dat we binnenkort bekend zouden staan als Romeo en Julia, omdat mijn leerlingen geen middel onbeproefd zouden laten om de waarheid uit me te persen.
Zij dacht daar even over na: ‘Dat betekent dat we dit een poosje moeten volhouden, om die kinderen niet teleur te stellen.’
‘Ja,’ zei ik, ‘het is verschrikkelijk, maar er zit niks anders op.’
***
Kelly Driedijk heeft van jongs af aan een passie voor tekenen gehad. Wat begon met potlood of pen en papier is in de loop der jaren geëvolueerd naar het gebruik van een iPad met de app Procreate. Haar inspiratie haalt ze voornamelijk uit de natuur, maar haar tekeningen hebben altijd een stoer randje, vergelijkbaar met tatoeages.
Wat een schitterend verhaal! Woord voor woord van genoten!
BeantwoordenVerwijderenDankjewel!
VerwijderenPrachtig!
BeantwoordenVerwijderenGefeliciteerd Jaap! Goed verhaal ❤️
BeantwoordenVerwijderenHeerlljk
BeantwoordenVerwijderenWat een mooi verhaal. ❤
BeantwoordenVerwijderenAlsjeblieft zeg… Tot nu heb ik niet slechter gezien op deze site. Waar is het verhaal? Want ik zie het niet. Als dat er is dan- , nee, dat is hier niet. Tenenkrommende soap vol met tell. Hoe moet ik dat even geloven? Dat ze na een glimlach drie dagen met elkaar in bed liggen… En dat een docent Engels zo praat tegen vijftienjarigen… En bovendien heb ik nog nooit leerlingen zo enthousiast horen doen met zo een vreselijke leraar. Daar kom je als schrijver niet mee weg. Ik heb met hoofdpijn tot het laatste woord gelezen en heb spijt. Ik kan niet geloven dat de mensen in deze reacties een functionerend brein hebben.
BeantwoordenVerwijderenIk heb het gevoel dat iemand niet op de longlist gekomen is 🤣🤣 zeikerd.
VerwijderenDankjewel!
VerwijderenIk ben volgens de commentaar hierboven zo iemand met een niet-functionerend brein aangezien ik het verhaal van Jaap als 'schitterend' en 'woord voor woord' van genoten' heb omschreven. En daar sta ik voor de volle 100% achter. Heel jammer dat u niet alleen met de ongelooflijk botte bijl dit verhaal aan stukken hakt maar dat u de aandrang voelt om mensen die er anders over denken ook nog eens schaamteloos te beledigen. Een kritische noot is goed, opbouwend zelfs maar dit is gewoon gemeen. Wendy Sempels
BeantwoordenVerwijderenHier ben ik het helemaal mee eens.
VerwijderenAnoniem iemand afzeiken is laf. Zeker als degene die je afzeikt met naam, toenaam en foto bij zijn werk staat. Een werk waarop hij zijn uiterste best heeft gedaan. Een werk waaraan hij menig uur heeft besteed, waarover hij heeft getwijfeld, waarover hij heeft gedubt totdat hij vond dat het goed was. Goed in de betekenis dat hij het niet beter zou kunnen maken. Pas daarna heeft hij zijn werk ingestuurd, in de hoop dat de juryleden zijn werk even goed zouden vinden als dat hij dacht dat het was. Enig idee hoe blij de schrijver was toen hij derde bleek te zijn geworden? Nee? Ik weet dat wel, want ik ben ooit derde geworden. Ik weet ook dat ik met de angst in mijn ziel de commentaren heb gelezen. Ik weet ook dat ik jouw commentaar naast me had neergelegd. Omdat het niet meer is dan de gal van iemand die niet kan schrijven. Ik hoop dat Jaap dat ook doet.
BeantwoordenVerwijderenPrachtig gezegd. Dank je wel Albert. 💖
VerwijderenHet gezamenlijke oordeel van de jury heeft geleid tot de derde plaats voor dit verhaal. Uit zo'n 60 verhalen of zo. Dat betekent dat de jury meer kwaliteit heeft gezien in dit verhaal, dan in alle andere ingediende verhalen op twee na (we weten binnenkort wie de eerste en twee prijs krijgt deze maand). Misschien moet deze zeer negatieve reageerder zich aanmelden voor de jury. Ik begrijp dat er een vacature is. If you cannot beat the, join them!
BeantwoordenVerwijderenAls ben ik eerlijk, de toon van de kritiek is over te discussiëren. Maar ik ben van mening dat je ook niet iemands negatieve kritiek moet afzeiken. Ik zie terechte punten, waar ik het mee eens ben. Dus daar is op zich niets mis mee.
BeantwoordenVerwijderenNatuurlijk, lees de reacties van de juryleden. Zelfs bij de top drie elke maand zijn de juryleden het lang niet altijd eens. Bij sommige verhalen, die de longlist niet hebben gehaald, zijn de jury het vaak wel eens, maar dan in negatieve zin. Maar de bewoording is ook van belang. Mensen die het niet met je eens zijn afschilderen als zijnde uitgerust met een niet-functionerend brein, is voor niemand nuttig. Ik ondersteun het commentaar van een voorgaande reageerder: solliciteer op de vacature van jurylid, dan kun je al je kritiek spuien, en wellicht is dat ook een goede leerschool over 'tone of voice'.
VerwijderenIedereen bedankt voor de respons! Dat een verhaal zoveel reacties kan uitlokken! Leuk! De inzender die het niks vindt is idd nogal een zeikerd zoals je ze niet vaak tegenkomt, maar hij heeft natuurlijk wel gelijk, want hij mag vinden wat hij wil. Ik vind het ook interessant dat hij zo heftig reageert. Waar zou dat vandaan komen? Daar zit een verhaal in. Ik zie hem graag terug als jurylid. Al zou ik dan graag willen dat hij zich wat minder onbeholpen uitdrukt, want echt: dat Nederlands kan beter.
VerwijderenMooi Jaap!
VerwijderenBravo Jaap. Mild en toch scherp. Zo hoort het
BeantwoordenVerwijderenDit leest als een groot schrijfplezier. Heerlijke ode aan de liefde op het eerste gezicht. Fijne karakterisering van de leraar en zijn zogenaamde no-nonsense-attitude. Leuke vibe hebben ze.
BeantwoordenVerwijderenNogmaals iedereen bedankt, ook de zeikerd, want hij (ik kan me niet voorstellen dat deze anonymus een zij is) heeft toch maar veel losgemaakt.
BeantwoordenVerwijderen🤣
VerwijderenToch gek. Toch gek dat je niet wilt accepteren dat niet iedereen je pulp kan waarderen. Je bent ook nog eens een sexist. Waarom is diegene geen zij? Gaat er dan niemand voor “die zeikerd” opkomen. Het is maar goed dat jij de nieuwe generatie geen les meer geeft. Ik wil namelijk niet nóg een generatie rascisten.
Verwijderen??? Het is wel goed zo, anoniempje.
VerwijderenWat een heerlijke, vlot geschreven, vrolijk stemmende geschiedenis, Peter. Ik heb ervan genoten. 👍👍👍
BeantwoordenVerwijderenRijpt in je hoofd al een verhaal over een klein jaloers mannetje met een naam zo afschuwelijk dat hij hem niet durft te noemen? Het is dat ik hier al een poosje niet meer mee doe …
Peter?
BeantwoordenVerwijderen