Mij valt op dat het aantal inzendingen dat bol staat van de grammaticafouten het laatste jaar sterk is afgenomen. Nou heb ik niet de illusie dat dat komt doordat de gemiddelde schrijver beter is geworden in spelling; ook ik gebruik AI om schrijffoutjes uit mijn teksten te vissen. Heel nuttig! Maar AI kan natuurlijk meer, en de verleiding is groot. Steeds vaker zie ik inzendingen voor VvdM, waaraan AI duidelijk heeft meegeschreven. En dat overschrijdt voor mij een grens: ik ga die verhalen niet meer beoordelen.
Voor alle duidelijkheid, dit stuk weerspiegelt niet de mening van VvdM of andere juryleden; ik schrijf over hoe ik tegen de inzet van AI voor tekstproductie aankijk. Iedereen mag er een eigen mening op nahouden. Dit is de mijne.
Alleen al dit dilemma zou iedere weldenkende (amateur)schrijver moeten remmen in het gebruik van AI als (mede)auteur. Schrijf zélf, leer stap voor stap hoe je beter kunt gaan schrijven. Dan is AI een hulpmiddel, zoals ooit de typemachine, later van de troon gestoten door tekstverwerkers. Want AI is heel handig voor basale schrijftechnische ondersteuning: grammaticacontrole, syntaxisfouten opsporen, consistentie checken (personagenamen, tijdlijnen), enzovoort. Ook voor een kritische beschouwing van je tekst kan AI je van dienst zijn. Let wel op dat ze zo ingesteld zijn dat ze jou een fijn gevoel willen geven. Het is in die zin net je moeder, die zal ook niet voluit kritiek leveren op je schrijfwerk. Streng zijn in je prompt wil weleens helpen. Gebruik de feedback die je krijgt om nog eens naar je verhaal te kijken en te verbeteren. Zorg ervoor dat jij blijft schrijven; kopieer en plak geen teksten die AI heeft gemaakt. Want echt: voor taalmodellen produceren de gangbare AI’s verschrikkelijk slechte teksten. Nergens origineel, altijd glad en veilig, vol generieke voorbeelden, nergens verrassend of geloofwaardig disruptief. Ze zijn makkelijk te herkennen en waar ik twijfel, geeft een goed getrainde AI-tool helder en onderbouwd uitsluitsel.
Gebruik je AI om ideeën te genereren, karakters uit te werken, wat research te doen; prima. Maar verwacht geen baanbrekende ingevingen, verpletterende inzichten of meer wereldschokkends. En bovenal: ik wil het niet lezen. Want ik ben benieuwd naar jouw stem, die mij een vertelling influistert die me raakt. Die eigen stem ontwikkel je alleen maar in de praktijk: veel lezen, ploeteren op je teksten, experimenteren, herschrijven. Zo ontwikkel je vakmanschap, niet door een machine het voor je te laten doen. Leer vertrouwen op je eigen visie en artistieke keuzes. Dáár gaat het om.
Dan de vraag wat ik doe als ik een AI-geschreven verhaal voorgeschoteld krijg. Soms is dat niet zo heel duidelijk, en riskeer ik eeuwige toorn van een auteur als ik zijn tekst bestempel als beïnvloed door AI. Daarom ben ik er tot dusver voorzichtig mee geweest, maar ik denk dat ik er zelden, of misschien wel nooit naast heb gezeten: geen enkele schrijver heeft hierover zijn beklag bij VvdM gedaan of mijn vermoeden verontwaardigd van de hand gewezen. Ik ga nu een stap verder. Zodra het mij duidelijk wordt dat AI aan het woord is, ook al is het maar gedeeltelijk, stop ik met lezen. Ik wil mijn opgebouwde kunde en schaarse tijd aan VvdM beschikbaar stellen (pro deo) voor die auteurs die durven ploeteren en willen leren. Knippen en plakken valt daar wat mij betreft niet onder, goede prompts verzinnen ook niet.
AI als gereedschap voor efficiency en inspiratie? Prima. Maar niet om jouw auteurschap te vervangen. Wees geen schrAIver.
Het experiment van Marjolein
De vraag is om gemotiveerd aan te geven of en op basis van welke concrete tekstkenmerken je AI-invloed vermoedt, indien aanwezig.
Tekst 1
Toen de verhuiswagen vertrok, bleef het huis stiller achter dan Nora had verwacht. Het stond aan het einde van een doodlopende straat, met een kleine voortuin waarin ooit rozen hadden gestaan. Nu groeiden er alleen nog stugge struiken die niemand de moeite had genomen te snoeien.
Ze had het huis gekocht omdat het betaalbaar was. Dat was de voornaamste reden. De makelaar had gesproken over “karakter” en “mogelijkheden”, maar Nora had vooral gekeken naar de maandlasten en de afstand tot haar werk. De rest zou ze wel zien.
Binnen rook het naar oud hout en iets wat leek op afgesloten lucht. Ze zette alle ramen open, ook al was het begin maart en nog koud. De kamers waren kleiner dan ze zich herinnerde van de bezichtiging. Of misschien had ze toen niet goed gekeken.
De eerste avond at ze op een opgevouwen verhuisdoos in de woonkamer. Ze had alleen een waterkoker en een magnetron uitgepakt. Terwijl ze haar bord op schoot hield, luisterde ze naar het zachte tikken van de verwarming die aansloeg. Het geluid weerkaatste tegen de lege muren.
In de dagen daarna bracht ze orde aan. De boekenkast kwam tegen de muur naast het raam. De bank, die net door de deur paste, schoof ze een paar keer heen en weer tot hij niet meer scheef stond. Ze hing één schilderij op, meer uit gewoonte dan uit overtuiging.
Op woensdagavond werd er aangebeld.
Nora had nog niemand verwacht. Ze kende niemand in de straat. Ze veegde haar handen af aan haar broek en liep naar de voordeur. Op de stoep stond een man van ongeveer haar leeftijd, met een donkere jas en een papieren zak in zijn hand.
“Goedenavond,” zei hij. “Ik woon hiernaast. Ik dacht, ik kom even kennismaken.”
Hij stelde zich voor als Thomas. In de papieren zak zat een kleine plant in een terracotta pot.
“Voor in de vensterbank,” zei hij. “Het huis kan wel wat groen gebruiken.”
Ze glimlachte beleefd en bedankte hem. Ze wisselden een paar zinnen over de straat, over het weer en over hoe rustig het hier meestal was. Thomas wees naar het einde van de stoep.
“Daarachter begint het park,” zei hij. “Als je de hoek omgaat, zie je het meteen.”
Ze knikte. Ze had het park nog niet gezien, hoewel ze er elke ochtend langs reed naar haar werk. Het was haar niet opgevallen.
Na een paar minuten nam Thomas afscheid. “Als je iets nodig hebt, je weet me te vinden.”
Toen de deur dichtviel, bleef Nora nog even in de hal staan met de plant in haar handen. Ze zette hem op de vensterbank in de keuken, precies waar het licht ’s middags naar binnen viel.
De dagen daarna zag ze Thomas af en toe. Soms staken ze hun hand op als ze elkaar tegenkwamen bij de brievenbus. Een keer hielp hij haar met het verplaatsen van een zware kast die ze alleen niet op zijn plek kreeg. Het gesprek bleef oppervlakkig, maar het voelde minder ongemakkelijk dan de eerste avond.
Op zondag besloot Nora het park in te lopen waar Thomas over had gesproken. Het bleek groter dan ze had gedacht. Er liep een pad langs een kleine vijver, waar eenden zich traag voortbewogen. Ze ging op een bankje zitten en keek naar het water.
Ze realiseerde zich dat ze het huis nog steeds beschouwde als iets tijdelijks, ondanks het koopcontract dat in haar tas lag. Alsof ze elk moment weer zou kunnen vertrekken. Het idee gaf haar een vreemd soort geruststelling.
Toen haar telefoon trilde, keek ze op. Een bericht van haar vorige verhuurder. Hij had nog een envelop gevonden met haar naam erop, achtergebleven in de brievenbus van haar oude appartement. Of hij die kon doorsturen.
Ze staarde even naar het scherm. Ze wist meteen wat er waarschijnlijk in zat: een brief waar ze al weken tegenaan had gehikt. Ze had gehoopt dat de verhuizing de beslissing zou uitstellen.
“Ja, graag,” typte ze uiteindelijk terug.
Die avond zat ze aan de keukentafel in het nieuwe huis, met de plant naast zich. Ze draaide de pot een kwartslag, zodat de bladeren meer licht kregen. Buiten was het stil. Er reed zelden een auto de straat in.
Ze dacht aan de envelop die onderweg was. Aan het oude appartement, waar ze jaren had gewoond. Aan de reden waarom ze daar was vertrokken.
Het huis aan het einde van de straat voelde nog niet als thuis. Maar het was van haar. Dat was een feit waar ze niet omheen kon.
Ze stond op, liep naar de voordeur en draaide het slot een keer extra om. Daarna deed ze het licht in de hal uit en bleef even staan in het donker.
In de stilte hoorde ze het zachte ritselen van de plant in de keuken, alsof hij zich aanpaste aan zijn nieuwe plek. Nora ademde langzaam in en uit.
Morgen zou de brief komen.
Morgen zou ze hem openen.
Tekst 2
Ze hadden elkaar gevonden op een plek waar niemand echt keek: in de kleine stiltes tussen zinnen.
Hij viel haar op omdat hij alles leek te zijn wat zij niet was. Zeker. Glanzend. Iemand die een kamer binnenkwam alsof hij er al eigenaar van was. Hij sprak over plannen, successen, mensen die hem tekort hadden gedaan. Zij luisterde, knikte, stelde vragen die hem groter maakten. Dat voelde voor haar als liefde. Voor hem voelde het als thuiskomen.
In het begin was hij gul. Met woorden, met aandacht. Hij zei dat hij haar zelden zo had gezien: iemand die hem écht begreep. Dat ze bijzonder was. Anders dan anderen.
Zij bewaarde die zinnen zorgvuldig, als noodvoorraad. Voor later.
Later kwam sneller dan ze had verwacht.
Het begon onschuldig. Kleine correcties. Zo heb ik dat niet bedoeld. Je bent wel erg gevoelig. Wanneer zij zei dat iets haar raakte, glimlachte hij vermoeid. Alsof hij met een kind sprak dat zijn veters niet kon strikken. Zij verontschuldigde zich. Ze wilde geen last zijn. Geen drama veroorzaken. Vooral niet verlaten worden.
Hij merkte dat. Hij merkte alles.
Langzaam schoof het midden van hun relatie naar hem toe. Wat hij nodig had. Wat hij voelde. Wat hij vond dat klopte.
Haar wereld werd kleiner; zijn spiegel werd groter. Als zij onzeker was, gaf hij haar net genoeg bevestiging om haar te laten blijven. Als zij sterker werd, trok hij zich terug. Afstand als straf. Stilte als macht.
’s Nachts lag ze wakker en telde ze zijn ademhaling. Elke pauze voelde als een dreiging. Ze probeerde zich te herinneren wie ze was vóór hem, maar dat beeld was vaag geworden. Alsof het te lang in de zon had gelegen.
“Je moet zelfstandiger worden,” zei hij op een avond, terwijl hij zijn telefoon niet neerlegde.
Ze knikte. Ze wist dat hij gelijk had. Hij had altijd gelijk.
Maar iets begon te verschuiven. Niet luid, niet plots. Meer als een barst in glas die je pas ziet als het licht er anders op valt.
Het was een dinsdag, onopvallend.
Ze vertelde over haar dag en merkte halverwege dat hij niet luisterde. Niet eens deed alsof. Voor het eerst stopte ze midden in haar zin.
Hij keek op, geïrriteerd.
“Ga door,” zei hij.
“Nee,” zei ze. Het woord verraste hen allebei.
Hij lachte schamper. “Wat is dit nu weer?”
Ze haalde haar schouders op. Haar hart bonsde, maar ze bleef zitten. “Ik weet niet of ik dit nog wil.”
Hij stond op. Dreiging in beweging. “Je overdrijft. Zoals altijd.”
Misschien, dacht ze. Maar misschien ook niet.
Die nacht sliep ze alleen. Hij had gezegd dat hij ruimte nodig had. Dat hij dit gedrag niet accepteerde. Ze huilde niet. Dat verbaasde haar het meest.
In de dagen die volgden, probeerde hij haar terug te trekken. Niet met excuses, maar met herinneringen. Aan hoe goed ze het hadden. Aan alles wat hij voor haar had gedaan. Hij sprak over wij alsof dat woord van hem was.
Ze voelde de oude angst opkomen. De bekende paniek: als ik nu loslaat, verdwijnt alles. Maar onder die angst zat iets nieuws. Iets stevigs. Woede misschien. Of helderheid.
Ze begreep ineens dat zijn liefde altijd voorwaardelijk was geweest. Dat zijn behoefte aan bewondering groter was dan zijn vermogen tot nabijheid. Dat hij liever bezuinigde dan inkomen te genereren. Dat zijn onwil om intiem te zijn belangrijker was dan haar wens om te beminnen en bemind te worden. Dat ontkennen het altijd wint van de waarheid. Dat zij zichzelf had uitgehold om hem heel te houden.
Toen ze uiteindelijk haar spullen pakte, keek hij toe alsof hij naar een toneelstuk keek dat hem niet beviel.
“Je maakt een enorme fout,” zei hij.
“Dat weet ik,” antwoordde ze. “Maar hij is van mij.”
Buiten was de lucht koud en helder. Ze ademde diep in, zonder toestemming te vragen. De angst was er nog. Verlaten worden was geen schakelaar die je uitzet. Maar voor het eerst was ze niet alleen bang. Ze was ook vrij.
Uitslag experiment Marjolein
Wie schreef wat?
Tekst 1 is gegenereerd door GPT.
Tekst 2 is door mij geschreven.
Toelichting
Voor Tekst 1 heb ik het taalmodel een neutrale schrijfopdracht gegeven, zonder aanvullende voorwaarden of stilistische sturing, om het resultaat zo zuiver mogelijk te houden.
De tekst is vervolgens integraal overgenomen zoals gegenereerd.
Reflectie vanuit het taalmodel
Na afloop heb ik het taalmodel – zonder voorkennis van de reacties – gevraagd te analyseren waarom Tekst 2 mogelijk als menselijk geschreven kan worden beschouwd, en op basis van welke tekstkenmerken dat te onderbouwen valt. Het model benadrukte daarbij zelf dat geen enkele analyse absolute zekerheid kan bieden.
Hieronder volgt de gegenereerde analyse:
Tekst 2 bevat geen gladde, statistisch geoptimaliseerde taal.
De tekst vertoont psychologisch inzicht dat niet schoolboekmatig aanvoelt, zinnen die niet perfect symmetrisch zijn opgebouwd, morele scherpte (bijvoorbeeld: “hij liever bezuinigde dan inkomen te genereren”) en een licht ongelijkmatig ritme.Het thema – narcisme, verlatingsangst, machtsverschuiving – is herkenbaar en kan ook door AI worden behandeld. Maar thematische herkenbaarheid is geen bewijs van AI-herkomst.
Het onderscheid zit eerder in micro-details, zoals:
– “Ze bewaarde die zinnen zorgvuldig, als noodvoorraad.”
– “Afstand als straf. Stilte als macht.”
– “Maar hij is van mij.”De tekst bevat lichte herhaling zonder perfecte cadans, zinsbreuken op niet-symmetrische momenten, een relatief lange psychologische uitlegzin en een slot dat niet volledig rond poetst.
Zulke kleine ritmische oneffenheden en lichte onbalans zijn geen typische modeloptimalisaties, maar komen vaak voor in menselijk schrijfproces.
Wat zichtbaar wordt, is dat emotionele helderheid soms wordt verward met AI-gladheid. Coherentie en thematische consistentie zeggen op zichzelf niets over ontstaanswijze.
Twee inhoudelijke verduidelijkingen
Er werd gesteld dat de zin
“Nu groeiden er alleen nog stugge struiken die niemand de moeite had genomen te snoeien.”
grammaticaal onjuist zou zijn.Deze zin is grammaticaal correct Nederlands. De formulering is relatief volledig en formeel, wat mogelijk als “vertaald” of “AI-achtig” wordt ervaren, maar dat maakt haar niet onjuist.
Beide teksten zijn oorspronkelijk in het Nederlands geschreven. Er is geen sprake van vertaling uit het Engels.
Slotreactie – Experiment
Dank aan iedereen die heeft meegedacht en gereageerd.
Ik heb er bewust voor gekozen mij tijdens de beoordeling én in de discussie direct daarna niet te mengen in de commentaren. Het experiment moest zelfstandig kunnen staan. Niet mijn persoon, maar uitsluitend de teksten en de argumentatie daarbij moesten centraal staan.
Wat mij betreft heeft de uitkomst vooral zichtbaar gemaakt hoe uiteenlopend de beoordelingen waren – zowel binnen de community als onder juryleden. De argumenten liepen sterk uiteen en werden soms in tegengestelde richting gebruikt. Dat gegeven op zichzelf is al interessant.
Ook bleek dat het vermoeden van een vertaling vanuit het Engels als aanwijzing voor AI-gebruik in dit geval niet ter zake was: beide teksten zijn oorspronkelijk in het Nederlands geschreven. Dat onderstreept hoe voorzichtig we moeten zijn met aannames op basis van formulering alleen.
Ik verbind daar verder geen grote conclusies aan. Het experiment was bedoeld als verkenning, niet als eindpunt in een debat. Voor mij is het belangrijkste dat het gesprek hierover open en inhoudelijk kan blijven, met respect voor verschillende standpunten.
Dank aan de redactie voor de ruimte en aan iedereen voor de betrokkenheid.
Marjolein Greebe

Ik lees dit en twijfel of het niet iets te stellig wordt neergezet.
BeantwoordenVerwijderenDat punt over auteursrecht en training van AI: “fair use” is niet zomaar een trucje van techbedrijven. Dat is gewoon een bestaande juridische doctrine, waar al decennia mee wordt gewerkt, ook buiten AI. Dat het wringt, snap ik, maar het is wel wat ingewikkelder dan hier lijkt te worden voorgesteld.
Ook bij het herkennen van AI-teksten heb ik mijn twijfels. In de praktijk wordt er veel hybride gewerkt, en AI-detectietools staan er niet om bekend dat ze altijd gelijk hebben. Daar kun je je dus ook in vergissen.
Het pleidooi voor eigen stem begrijp ik goed, maar nu voelt het alsof alles waar AI bij betrokken is over één kam wordt geschoren, en dat helpt het gesprek volgens mij niet echt.
Dank voor je zorgvuldige reactie. In bovenstaand stuk houd ik het bij de constatering dat de auteursrechtendiscussie wringt. Belangrijker vind ik de invloed van AI op wat we te lezen krijgen, niet alleen op VvdM. Zwartwit gesteld: het is als plastic, gladgestreken, veilig, met voorspelbare, mathematisch ingegeven constructies. Zielloos. In mijn ogen smoort het de menselijke creativiteit. Ik zeg niet dat AI niet gebruikt ‘mag’ worden (alsof ik daar überhaupt wat over te zeggen zou hebben), maar ik pleit vurig voor het zélf blijven vasthouden van de schrijverspen. Dat slaat ook op hybride toepassing (deels zelf geschreven, deels copy-paste van door AI gegenereerde tekst). Het is een glijdende schaal, ik zie het aantal inzendingen dat ermee besmet is toenemen. Het is niet verboden of zo, dus iedereen moet maar doen wat hij of zij goeddunkt. Het is wel aan mij of ik AI-geproduceerde teksten (al dan niet hybride) wil lezen en beoordelen, en daar is mijn antwoord duidelijk in. Als die rommel een verhaal domineert, dan leg ik het terzijde. AI-verhaaltjes mogen wat mij betreft door AI gelezen en beoordeeld worden; val mij er niet mee lastig.
VerwijderenDie tool is uiteraard niet alwetend of zaligmakend, en geregeld voorzichtiger in zijn conclusies dan ik. Het helpt wel de analyse te objectiveren. Ook hier geldt; uiteindelijk beslis ik zelf, niet de tool.
Ik kan me grotendeels wel vinden in het betoog van jurylid MA. Ik zie de voordelen van handige tools van AI, maar aanschouw het ook met een gezonde dosis scepsis. Als AI de creativiteit gaat vervangen dan moeten alle alarmbellen gaan rinkelen. Ik heb er uiteraard geen zicht ( en kennis ) op of dat op dit platform veel gebeurt, dus mijn mening is algemeen. Als ik even puur naar mezelf kijk. Ik vind het leuk om af en toe wat te schrijven. Ik heb soms letterlijk lol als ik achter mijn PC zit. Het is voor mij een hobby, een vorm van ontspanning waaraan ik zoveel plezier beleef dat het nooit in mijn hoofd op zou komen dit creatieve proces over te geven aan AI, tenenkrommende teksten op de koop toenemend. Het zou voelen als verraad aan mezelf. Dat lijkt me toch de insteek van iedereen die schrijft, het plezier, dat is toch de basis. Door je tekst door AI te laten maken hou je niet alleen je lezers voor de gek, maar vooral jezelf.
BeantwoordenVerwijderenJe slaat de spijker op de kop.
VerwijderenBuiten het ethische dilemma om. Een technisch puntje:
BeantwoordenVerwijderenWat betekent het als je geen juryoordeel geeft? Krijgt het verhaal dan geen cijfer of krijgt het een één?
Wordt de score daar dan altijd slechter van? Wanneer je een verhaal van de shortlist een één geeft daar kan de eindscore juist hoger van uit komen. Ook wanneer je geen cijfer geeft, dan heeft dan kan dat invloed geven op de gemiddelden.
Ik vindt het opzich niet verkeerd dat verhalen die niet in de smaak vallen bij één jurylid juist als beter kunnen worden beschouwd. Maar wanneer dat gebeurt op iets als AI gebruik, dan is de 'fout' meer een diskwalificatie dan een rare smaak/stijl.
Daar mag Maarten zich over buigen. Ik beperk mij tot mijn scope als jurylid, en geef dergelijke tekstbrouwsels een (heel) laag cijfer. Want het is wél een beoordeling, ook als ik het verhaal om de uitgelegde reden niet heb uitgelezen. Misschien dat VvdM daar ooit nog eens beleid op ontwikkeld, tot die tijd doe ik het zo.
VerwijderenHet is appart dat je soms verhalen in de top 3 ziet, of zelfs als eerste plaats, terwijl het door sommige juryleden geheel wordt afgebrand.
VerwijderenIk heb daar ooit een verhaal over geschreven. Mijn eerste verhaal zelfs op dit platform.
https://www.vertelvuur.com/verhaal/het-gemiddelde-met-ook-een-schoonheidsfout
Dat was geen kadaverend succes. Maar het idee erachter blijft.
Wanneer juryleden vanwege persoonlijke ergernissen (dat een verhaal boven de 3000 komt, of iets vol met AI cliché staat) een verhaal een lage score geeft dan kan dit juist tot een hogere eindscore leiden.
In het geval van een aparte smaak is dat interessant, maar wanneer een jurylid een verhaal bestempeld als AI, en datzelfde verhaal wordt nummer één dan is dat toch vreemd?
Wanneer de cijferbeoordelingen samen met de jurybeoordelingen worden gepubliceerd, dan zouden de deelnemers er iets meer van kunnen begrijpen.
Even terug naar de basis: dit is een wedstrijd, mogelijk gemaakt door vrijwilligers. Er gaat veel tijd zitten in het lezen, beoordelen en (onverplicht) becommentariëren van de verhalen. Ik kies ervoor om rondom het onderwerp AI de discussie aan te gaan, omdat ik het een zorgwekkende ontwikkeling vind en het mijn VvdM-gerelateerde leesplezier in toenemende mate vergalt. Nog meer polemiek lostrekken door het publiceren van de cijfers gaat dat niet beter maken, integendeel zelfs. Dus laten we op de allereerste plaats blij zijn met dit podium en met de vele enthousiaste schrijvers die hun schrijfkindjes eraan toevertrouwen. Het is spannend wie er op de long- en shortlist komen te staan, en welke verhalen uiteindelijk de top drie vormen. Ondertussen zijn wij, de jury, allang bezig met het lezen van de verhalen die de maand erop meedingen. Ik moet er niet aan denken om ook nog allerlei discussies te krijgen over puntjes.
VerwijderenIk heb begrepen dat het algoritme in de loop van de tijd tot stand is gekomen. In de kern doet het wat het moet doen: goede verhalen drijven naar boven, op basis van de cijfers van de jury, met beperkte afhankelijkheid van een enkele slechte beoordeling. Natuurlijk zijn alternatieve modellen denkbaar. Wilt u die discussie voeren, of liever nog een beter model voorstellen, mail dan naar Maarten. Hij zal zeker geïnteresseerd zijn.
Zoals ik al eerder zei, is er (nog) geen beleid bij VvdM over door AI beïnvloede verhalen. Als jurylid zet ik mijn eigen koers in deze uit, omdat ik er steeds meer over uitglij. Ik kan het ook niet noemen, erover zwijgen, en ‘stiekem’ een 1 of een 2 geven. Maar ik denk dat het belangrijk is dat wij, als auteurs onder elkaar, het gesprek aangaan over deze trend. Dat begint met benoemen.
Overigens vallen ook professionals in de AI-valkuil. Lees dit stuk maar, over de columns van Lale Gül: https://www.dieuwsnieuws.nl/p/21st-century-digital-boy.
“Nog meer polemiek lostrekken door het publiceren van de cijfers gaat dat niet beter maken, integendeel zelfs.”
VerwijderenDat is inderdaad wel lastig. Mijn argument/idee erachter was om voor meer transparantie te zorgen.
De laatste maanden zijn er drie stukjes geschreven waarin juryleden aangeven hoe ze jureren.
https://verhaalvdmaand.blogspot.com/2026/02/ben-je-een-schrijver-of-een-schraiver.html
https://verhaalvdmaand.blogspot.com/2026/01/het-literaire-dorp-jurylid-wi.html
https://verhaalvdmaand.blogspot.com/2025/11/schrijftips-van-jurylid-ma.html
Die tips zijn heel welkom maar soms tegenstrijdig met wat we zien bij de top 3. Ook de commentaren zijn soms niet te rijmen met de uitslag. Een verhaal dat niet wordt gelezen door een jurylid of als AI wordt bestempeld, maar dan wel in de top 3 komt. Dat is lastig te volgen voor de deelnemers.
Vanwege die lage transparantie doe je veel van die goedbedoelde tips teniet.
Ik heb AI wel eens gevraagd om spelfouten op te sporen in mijn schrijfsels. Eager to please wijst Copilot bij voorkeur drie spelfouten aan, ook als die er niet werkelijk in staan. Maar soms helpt het wel echt, en iedere juiste correctie is meegenomen.
BeantwoordenVerwijderenOok voor het zoeken naar alternatieve woorden of termen waar ik niet op kan komen is AI handig. Maar stukken tekst die AI voorstelt vind ik bijna altijd waardeloos.
Ik heb soms wel de indruk dat AI beschuldigingen in de commentaren (en ik bedoel niet specifiek de jury, eigenlijk eerder de lezers) wat makkelijk en stellig gemaakt worden. Mensen kunnen ook gewoon raar schrijven.
AI is beperkt in het schrijven van goede tekst, maar ook in het jureren. Je kunt bruikbare feedback krijgen op je teksten met een simpele prompt zoals bijvoorbeeld die hieronder, maar het komt niet in de buurt van het echte jurycommentaar. En dat mag ook wel eens gezegd worden :-)
Verwijderen"Je bent jurylid Ma van de Verhaal-van-de-Maand wedstrijd. Je bent deskundig in het beoordelen van verhalen, en literair kundig. Geef kort en kritisch commentaar op onderstaand verhaal. Let op stijl en kwaliteit. Sla alarm indien de tekst door AI gegenereerd lijkt te zijn."
Helemaal mee eens, zelf schrijven en creëren is veel leuker. Anders ben je geen schrijver, maar iemand die knipt en plakt. Soms laat ik wel spelfouten of interpunctie controleren, maar zelfs daarin heeft AI of Copilot niet altijd gelijk. Je kan dan beter een officiële taalsite raadplegen. Het is dus altijd belangrijk om zelf te controleren en zelf te schrijven.
VerwijderenAls velen AI gebruiken om teksten te schrijven, dan wordt AI voor een groot deel getraind met zijn eigen teksten. Dat kan zich weerspiegelen in een steeds grotere middelmatigheid van de geproduceerde eenheidsworst. Een beetje zoals de plasticine waarmee kinderen spelen: die beginnen met alle soorten felle kleuren en eindigen met één grote bruine massa. Het enige positieve dat ik daarin zie is dat eigengeschreven creativiteit er steeds meer zal uitspringen.
BeantwoordenVerwijderenBovendien moet je wel oppassen met wat AI genereert: vraag maar aan Petra De Sutter, rector van de UGent.
Dit is niet specifiek voor AI.
VerwijderenMensen worden getraind door mensen, dat creëert ook geen bruine massa.
Wat je nu nog enkel ziet zijn produktseltjes van GPT chatrobotten die heel beperkt zijn getraind en weinig zelf kunnen ondernemen.
Om op basis van die experimenten al te oordelen (want in die fase is het nu nog) is kort door de bocht.
De capaciteit van dat soort simpele AI is wél heel groot. Het brein achter de nieuwste AI chatrobotten gaat in de richting van het formaat van het brein van een mens (het moet alleen nog wat beter worden ingericht). Bijvoorbeeld: er is geen mens die deze reactie in meer dan twintig talen kan vertalen, maar chatGPT doet het in enkele seconden.
Nu wordt die AI nog maar beperkt ingezet op simpele taken. Uiteindelijk zal AI ook wel uitgroeien in creativiteit. Het moet alleen wat complexer worden gebouwd.
Creativiteit is niet een vorm van 'intelligentie' die voor een computer onbereikbaar is. We zijn zelf immers allemaal in zekere zin robots en we noemen onszelf ook creatief.
Wanneer meerdere van zulke AI 'personen' op de wereld worden gezet en wanneer deze 'communiceren', feedback ontvangen, continu leren en aanpassen, dan zullen zij ook creatieve creativiteit ontwikkelen.
Overigens is er in dat trainen best iets interessants.
VerwijderenKunstmatig gegenereerde informatie kan helpen bij het trainen van AI. Het wordt er beter van, niet bruiner.
Het simpele voorbeeld is het trainen van AI voor 'image recognition'. Je kunt daarin meer waarde halen uit een bepaalde database door de beelden licht te bewerken (bijvoorbeeld draaien van het beeld) en in verschillende soorten hapjes hetzelfde aan de AI te voeren.
Dit is een bekende techniek in het trainen van AI. De 'angst' dat AI op een dag alleen maar van zichzelf leert en dat alles naar een gemiddelde leidt is een versimpeld beeld van hoe die dingen leren. Het is te gemakkelijk gezegd dat AI van alles een bruine brei maakt en alleen maar een soort gemiddelde uitrekent.
Dat is net alsof je zou zeggen dat de entropie op aarde alleen maar toeneemt. (entropie kan inderdaad niet dalen, maar, alléén voor een geïsoleerd systeem)
Het trainingsvoorbeeld dat je aangeeft is hetzelfde hoe wij leerlingen trainen: dezelfde informatie aangeven in een andere vorm (nieuwe invalshoeken, andere oefeningen, ...). Wat het systeem doet werken is het feit dat sommige leerlingen boven hun leraars uitstijgen. Ik sluit niet uit dat AI-systemen ooit boven de mens gaan uitstijgen, maar dat is voor mij ook niet direct een geruststellend beeld.
VerwijderenEn wat entropie betreft: die kan op aarde, die een onderdeel van het zonnestelsel vormt, wel dalen. Als men echter het hele systeem bekijkt: aarde + haar omgeving, dan neemt de entropie inderdaad alleen maar toe.
“Als men echter het hele systeem bekijkt: aarde + haar omgeving, dan neemt de entropie inderdaad alleen maar toe.”
VerwijderenDe vergelijking met de entropie op aarde zit er in dat beiden geen geïsoleerde systemen zijn.
Daardoor hoeven we niet te vrezen dat AI een gemiddelde bruine brei wordt als het alleen maar de eigen teksten leest.
Zolang er maar manieren zijn om lokaal de entropie kaag te houden en geordende structuren te creëren, dan gaat die entropie omlaag.
“dan wordt AI voor een groot deel getraind met zijn eigen teksten.”
Sowieso is er ook niet één entiteit AI, netzoals er niet één 'de mens' is. AI leert niet van zijn eigen teksten alsof het één ding is.
Ter vergelijking, wanneer we zeggen dat een schrijver leert van een schrijver, dan zijn dat ook twee verschillende schrijvers. Met AI wordt er echter vaak gesproken alsof het allemaal één en hetzelfde is.
AI zorgt voor slechte schrijfsels?
BeantwoordenVerwijderenAI produceert zonder twijfel zwakke teksten. Wie een taalmodel vraagt om een verhaaltje te schrijven dat Verhaal van de Maand-waardig zou moeten zijn, krijgt doorgaans een weinig overtuigend resultaat. Zo’n tekst insturen is respectloos richting de jury.
Tegelijk is het de vraag of een jurylid met zekerheid kan vaststellen of een tekst (deels) door AI is gegenereerd. Voor de beoordeling van een inzending is dat echter ook niet noodzakelijk.
Wanneer een verhaal inhoudelijk niet overtuigt, kan het eenvoudigweg laag worden beoordeeld, met of zonder vermoeden van AI-oorsprong. Het beoordelingsvermogen en de persoonlijke smaak van juryleden vormen daarbij de enige leidraad.
Verhaal van de Maand biedt schrijvers een duidelijke vorm van toetsing. Aan de hand van de beoordelingen wordt snel zichtbaar of dit platform aansluit bij iemands literaire ambities.
Dank aan collegajuylid Ma dat hij de moeite heeft genomen dit op te schrijven. Na zo'n 1000 verhalen te hebben beoordeeld in deze wedstrijd, kan ik nog altijd niet beoordelen of, en zo ja in welke mate, AI is gebruikt door de schrijver. Ik denk wel dat ik kan beoordelen of een verhaal goed is, belabberd is, of daar ergens tussenin. Ik denk dat ik kan, omdat ik ook elke maand weer meer leer in het herkennen en onder woorden brengen van waarom een verhaal goed is of niet, uiteraard met als doel om schrijvers aan te sporen de volgende maand een nog beter verhaal in te dienen. Maar ik ga het gevecht niet aan met AI. Als AI op dit moment herkenbaar vlakke teksten zou opleveren met specifieke kenmerken, dan zal AI volgend jaar of het jaar daarop zodanig getraind zijn dat het steeds minder en uiteindelijk niet meer herkenbaar zal zijn als AI tekst. Ik zal dan nog steeds de tekst beoordelen. Mogelijk zal er dus een tijd komen dat een AI-verhaal de winnaar wordt van deze wedstrijd. Het zij zo. Ik hanteer een belangrijk criterium bij mijn beoordelingen: fantasie. Een verhaal met stijl- en syntax-fouten en inconsistente karakters en zonder queeste of spanning kan van mij nog altijd een voldoende krijgen als de schrijver zichtbaar fantasievol is geweest in de keuze en de uitwerking van het thema. Andersom kan een technisch perfect geschreven verhaal over een cliché-thema van mij een onvoldoende krijgen. Maar ik heb niet de illusie dat ik hiermee AI voorblijf. Schrijven moet een plezier zijn, bevredigend, opwindend, anders kun je beter een andere hobby kiezen. Het plezier zal dan nog veel groter zijn als na al je bloed, zweet en tranen je verhaal in de top drie eindigt van deze wedstrijd. Ik denk (nee ik hoop) dat als dan de andere twee verhalen in de top drie AI-verhalen zijn, dat de indieners daarvan dan minder plezier beleefd zullen hebben dan de bloed, zweet en tranen schrijver. En voor die laatste steek ik mijn tijd en energie in het jurywerk, ook al weet ik dat een steeds groter deel van mijn tijd verprutst zal worden aan een AI-verhaal.
BeantwoordenVerwijderenWanneer AI sneller een tekstbrij uitbraakt dan ik die kan lezen, hoeft het niet voor mij. Ik wil creatief zijn in mijn schrijfsels én in mijn lezen. In ondergeschikte orde kan ik zelf een prompt verzinnen over een onderwerp waarover ik iets wil weten en dat meer tegemoet komt aan mijn vraag terzake.
VerwijderenWi, ik snap je punt. En ik ben het in de kern ook met je eens. Wie een taalmodel het halve werk laat doen en dat als eigen creatie presenteert, ontwijkt het vak. Schrijven leer je door ploeteren, niet door knippen en plakken. Daar staan we aan dezelfde kant.
BeantwoordenVerwijderenMaar waar het voor mij schuurt, is bij dat moment waarop jij zegt: “Ik zie het, en dan stop ik met lezen.” En vooral wanneer het label “AI” valt zonder dat er 100% zekerheid is.
Want laten we eerlijk zijn: die zekerheid is er niet.
Je zegt dat je zelden, misschien nooit, mis hebt gezeten, en dat niemand heeft geprotesteerd. Maar stilte is geen bewijs. Veel inzenders zijn geen doorgewinterde polemisten. Als een jurylid suggereert dat hun tekst deels door AI is geschreven, dan slikken ze dat misschien gewoon in. Niet omdat het klopt, maar omdat ze geen gedoe willen.
En daar zit voor mij het principiële punt.
Wat jij noemt als herkenningssignalen, gladheid, veilige formuleringen, generieke zinnen, dat zijn óók kenmerken van beginnende schrijvers. Of van mensen die extreem veel redigeren. Of van iemand met een journalistieke achtergrond. Of simpelweg van iemand met een brave stijl.
Dus stel dat je één keer mis zit. Dan is het niet alleen een kwestie van “dit verhaal is zwak”. Dan hangt er meteen iets moreels boven: je hebt impliciet gezegd dat iemand niet eerlijk werkt.
Ik vind dat een zware stap.
Beoordeel een tekst op kwaliteit, zou ik zeggen. Als hij glad is, noem hem glad. Als hij generiek is, noem hem generiek. Als hij je niet raakt, zeg dat. Daar heb je geen AI-vermoeden voor nodig.
Want als een verhaal literair onder de maat is, is dat al voldoende reden om het af te wijzen. Dan hoef je er geen technologie bij te halen.
Ik deel je zorg over het grotere systeem. Echt. Maar op individueel niveau moeten we voorzichtig zijn met verdenkingen zolang detectie geen waterdichte wetenschap is. Anders verschuift de discussie van literatuur naar argwaan.
Freek
“En daar zit voor mij het principiële punt. ... je hebt impliciet gezegd dat iemand niet eerlijk werkt. ... Ik vind dat een zware stap.”
VerwijderenJe zou het kunnen vergelijken als een tekst die vol staat met taalfouten. Wanneer een jurylid na de eerste paar alinea's al baalt van de kwaliteit en vervolgens een programmatje gebruikt om de rest van de tekst door te lichten, waarmee zijn vermoedens worden bevestigd, dan kan dat jurylid op basis daarvan toch de tekst terzijde schuiven?
In het AI geval boeit het niet of een tekst wel of niet daadwerkelijk door een AI is geschreven. Wanneer het irritant vol staat met cliché en gladde berekende constructies, zodanig dat een programma dat herkent, dan is het sowieso een slechte tekst.
Dat lijkt mij de kern van wat jurylid Ma hier zegt, en het is een vrij simpel en onschuldig oordeel (de principiële kwestie erbuiten gelaten). Hij geeft aan dat sommige teksten over de schreef gaan met de manier waarop ze op AI-tekst lijken (niet relevant of dat wel of niet door AI is gedaan), en dat dit bij hem zodanig strafpunten kan opleveren dat hij zelfs niet meer verder leest.
Beste Freek,
VerwijderenDank voor je zorgvuldige reactie. Ik snap wat je zegt, lang heb ik ook zo gedacht (en ergens nog wel een beetje). Toch denk ik dat het belangrijk is om het beestje bij de naam te noemen. Verder heeft Tinus Empericus het hierboven uitstekend samengevat. Mocht ik toch iemand onverhoopt tekortdoen, dan hoor ik dat graag. Dat mag ook per mail via VvdM.
Ik denk nu dat je mij verwart met collega Ma, Freek!
BeantwoordenVerwijderenSorry, ik bedoelde inderdaad Ma.
VerwijderenIk was even druk met de olympische Winterspelen en had nog niet gereageerd op het stuk van Ma. Ik ben het grotendeels met hem eens. Dat gemakzuchtige AI-gebruik een probleem is, daar hoeven we geen discussie over te voeren. Maar ik denk wel dat hij onderschat hoe groot de rol van AI in ons leven al is en zeker nog gaat worden en ik bedoel dat niet alleen negatief. Die ontwikkeling draai je niet terug. Het wordt gewoon onderdeel van hoe we werken.
BeantwoordenVerwijderenWaar ik moeite mee heb, zijn zijn opmerkingen over mijn verhaal, Semantische oorlog’ Daar lijkt hij volledig te leunen op wat AI zelf zegt. En dat vind ik eerlijk gezegd riskant.
Ja, ik gebruik AI om te redigeren. Spelfouten eruit halen, consistentie checken, soms een kritische blik vragen. Dat doe ik gewoon. Net zoals ik vroeger iemand een tekst liet meelezen. Maar het verhaal zelf, de structuur, de scènes, de keuzes komen volledig van mij. Dat verschil is belangrijk.
Uit nieuwsgierigheid heb ik dezelfde vraag aan AI gesteld: “Is dit door AI geschreven?” Bij mijn verhaal zei het model: waarschijnlijk wel. Toen heb ik een bladzijde uit Huid en haar van Arnon Grünberg ingevoerd met exact dezelfde vraag. En wat denk je? Ook daar kwam uit: waarschijnlijk AI-gegenereerd.
Toen dacht ik: ja, dan moeten we misschien even pas op de plaats maken.
Want als zo’n systeem zowel mijn tekst als die van Grünberg als “verdacht” bestempelt, dan is dat geen betrouwbaar meetinstrument. Dan zijn we gewoon aan het gissen.
En als je er dan publiekelijk een label op plakt, zonder honderd procent zekerheid, dan schuurt dat voor mij. Dan gaat het niet meer over literatuur, maar over verdenking.
Dat lijkt me iets waar we voorzichtig mee moeten zijn.
Peter van Essen
Beste Peter,
VerwijderenIk onderschat de rol van AI helemaal niet. Sterker nog, in een andere hoedanigheid ben ik bij grote AI-gerelateerde projecten betrokken. Juist daarom vind ik deze discussie zo belangrijk. AI sluipt de kunsten binnen, verdrukt oorspronkelijk werk en de makers. Als schrijver vind ik daar wat van, als jurylid ook.
Ik kan dieper ingaan op Semantische oorlog, maar ik denk niet dat dat verstandig is.
Naar aanleiding van het artikel van Jurylid Ma over AI wil ik graag reageren. De zorg om vakmanschap en een eigen schrijversstem begrijp ik goed. Dat gesprek is belangrijk.
BeantwoordenVerwijderenWat mij vooral bezighoudt, is het praktische gevolg dat wordt genoemd: stoppen met lezen zodra duidelijk wordt dat AI (gedeeltelijk) heeft meegeschreven, mede op basis van een detectietool die “helder en onderbouwd uitsluitsel” zou geven.
Voor zover publiek bekend bestaan er op dit moment geen sluitende, objectieve methoden om met zekerheid vast te stellen of een fictietekst (deels) door AI is gegenereerd. Detectietools werken met waarschijnlijkheden en foutmarges. Ook kenmerken als ‘gladheid’, ‘veilig taalgebruik’ of ‘generieke formuleringen’ zijn niet exclusief voor AI; ze komen net zo goed voor in menselijk schrijfwerk.
Dat roept bij mij een eenvoudige vraag op: welke concrete, toetsbare criteria worden gehanteerd bij het vaststellen dat een tekst AI-beïnvloed is? En hoe wordt voorkomen dat een vermoeden — hoe ervaren ook — doorslaggevend wordt in de beoordeling?
Deze vraag is niet bedoeld als verdediging van AI-gebruik, maar als pleidooi voor helderheid in het juryproces. Wanneer een inzending terzijde wordt gelegd, lijkt het me fair dat duidelijk is op basis waarvan dat gebeurt.
Juist omdat dit onderwerp veel schrijvers raakt, lijkt transparantie mij essentieel.
“Welke concrete, toetsbare criteria worden gehanteerd bij het vaststellen dat een tekst AI-beïnvloed is?”
VerwijderenErvaring en gezond verstand. De tool is ondersteunend, niet maatgevend. Zie het maar als het geheim van de smid: de exacte werking en criteria prijsgeven zal een kat-en-muis spel aanjagen. Onderaan de streep vind ik van een verhaal wat ik ervan vind.
“En hoe wordt voorkomen dat een vermoeden — hoe ervaren ook — doorslaggevend wordt in de beoordeling?”
Niet. Elke beoordeling door elk jurylid van elk verhaal is per definitie subjectief. Ik erger mij groen en geel aan wat ik herken als typische AI-taal – niet alleen omdat het AI is, maar vooral omdat het saai, lelijk en zielloos is. De tool dient vooral om te voorkomen dat ik te snel daarop vaar, niet andersom. Mijn beoordeling verandert er niet door.
“Wanneer een inzending terzijde wordt gelegd, lijkt het me fair dat duidelijk is op basis waarvan dat gebeurt.”
Dat zal ik ook altijd uitleggen. Overigens is hoop op een volkomen transparant, geijkt en toetsbaar proces voor een jurylid om tot een beoordeling te komen ijdel.
Ma,
VerwijderenDank voor je reactie. Juist omdat je stelt dat je bij duidelijke AI-inbreng stopt met lezen, is het onderscheid tussen smaak en attributie hier van belang.
Dat literaire beoordeling subjectief is, staat buiten kijf. Maar “ik vind dit saai of zielloos” is iets anders dan “dit is (deels) door AI geschreven”. Dat laatste is geen smaakuitspraak, maar een feitelijke claim over ontstaanswijze. Daar hoort – als je er consequenties aan verbindt – een toetsbare basis bij.
“Ervaring en gezond verstand” volstaan voor esthetisch oordeel, niet voor technische attributie. Ervaring met literatuur is niet hetzelfde als expertise in probabilistische taalmodellen of detectie-methodiek. Detectietools werken met waarschijnlijkheden en foutmarges; ook jij geeft aan dat ze slechts ondersteunend zijn. Daarmee blijft de kernvraag staan: waarop rust uiteindelijk de conclusie dat AI “aan het woord is”?
Het argument van het “geheim van de smid” overtuigt mij niet. Transparantie over beoordelingsgrondslagen jaagt geen kat-en-muisspel aan; het maakt controleerbaar waarop een beslissing gebaseerd is. Wanneer uitsluiting plaatsvindt op basis van een vermoeden over ontstaanswijze, is dat meer dan smaak. Dan is er sprake van attributie zonder verifieerbare methode.
Dat je je ergert aan wat jij als typische AI-taal herkent, is begrijpelijk. Maar generieke, gladde of zielloze teksten bestonden ook vóór AI. De stap van “dit vind ik lelijk” naar “dit is AI” is inhoudelijk groter dan je reactie suggereert.
Mijn oorspronkelijke vraag blijft daarom staan. Niet uit verdediging van AI-gebruik, maar uit zorg voor zorgvuldigheid: als een inzending terzijde wordt gelegd vanwege vermeende AI-inbreng, op welke grond gebeurt dat dan precies?
Het debat over vakmanschap is legitiem. Maar wanneer ontstaansvermoedens beoordelingsgevolgen krijgen, verdient dat méér dan intuïtie.
Er zijn veel verschillende meningen over het gebruik van AI bij het schrijf proces, en dat mag ook. Maar de stelling dat werk waarin AI is gebruikt bij voorbaat niet meer gejureerd word, vind ik een harde stelling.
BeantwoordenVerwijderenHet zou moeten draaien om het verhaal zelf. Raakt het? Is het goed geschreven? Blijft het hangen? Een jurylid zou transparant moeten beoordelen op kwaliteit en inhoud — niet op basis van aannames over het proces. Openheid over het gebruik van AI is belangrijk, maar uitsluiting zonder inhoudelijke beoordeling doet geen recht aan het werk, noch aan de creativiteit van een schrijver.
Ik raad u aan het stuk en mijn toelichtingen eronder nog eens goed te lezen. Er is geen sprake van het 'bij voorbaat' uitsluiten van AI-beïnvloede verhalen. Het blijkt uit de verhalen zelf - die zijn onder de maat. U wordt op uw wenken bedient dus.
VerwijderenVraag: mag ik hier 2 verhalen plaatsen en in het algemeen aan een ieder vragen of en in welke mate bij één of meerdere verhalen AI een wezenlijke invloed heeft gehad en op basis waarvan dit gedacht wordt. Dit onderwerp is zo wezenlijk dat ik hoop dat dit een blijvend debat is.
BeantwoordenVerwijderenSlechte verhalen (met of zonder AI) kwalificeren niet. Duidelijk. Maar Ma, zou je een goed verhaal waar je AI vermoedens hebt, eveneens niet verder lezen en uitsluiten? Juist daar wordt het gevaarlijk.
Ja goed plan! Doe maar, heel graag.
VerwijderenGoed idee.
VerwijderenDank voor de open houding.
VerwijderenIk heb de twee teksten inmiddels per e-mail aan de redactie gestuurd omdat de inhoud te lang is om hier te plaatsen. Wordt vervolgd :-)
"Zou je een goed verhaal waar je AI vermoedens hebt, eveneens niet verder lezen en uitsluiten?"
VerwijderenHet makkelijke antwoord is: nee, want dan zal ik het waarschijnlijk niet door hebben. Heb ik het wel in de gaten én kan ik het kwantificeren, dan zal ik het vermoedelijk wel vermelden. Het zal van geval tot geval kunnen wisselen: niets menselijks is mij vreemd.
Ik realiseer mij natuurlijk dat mijn stellingname ambivalent is, in die zin dat er geen consensus is bij VvdM of AI als (mede)schrijver acceptabel is. Persoonlijk vind ik van niet. Het argument ‘als het verhaal maar goed is’ vind ik veel te simpel. Als AI op een gegeven moment in staat is om ‘goede’ verhalen te produceren, dan mag AI ze gaan lezen en beoordelen.
De tekstjes van Marjolein zijn onder het stukje van Jurylid Ma gezet. Zij heeft ons niet verteld welk tekstje waar vandaan komt.
BeantwoordenVerwijderenIk hoor heel graag jullie mening!
-- Maarten
Geheel tegen mijn aard in zal ik gepast zwijgen.
VerwijderenHet zou m.i. juist enig debat ten goede komen als je je mening hierover wilt delen.
Verwijderen"...mag ik hier 2 verhalen plaatsen en in het algemeen aan een ieder vragen..." - dit is op de eerste plaats een uitnodiging aan de community, toch? Ik ben benieuwd naar de reacties.
VerwijderenDan verduidelijk ik mijn zin: "een ieder, waaronder ook jurylid Ma en andere juryleden die hier een mening over willen delen."
VerwijderenStukje 2 is AI. Ik pik ze er zo uit.
BeantwoordenVerwijderenVolgens mij is tekst 1:-'door een mens geschreven' -( grammatica klopt niet:'Nu groeiden er alleen nog stugge struiken die niemand de moeite had genomen te snoeien. )
VerwijderenTekst 2: geschreven met behulp van AI (is overigens erg goed geschreven, alleen de korte staccato zinnen doen mij weer twijfelen) .
Ik denk ook dat tekst 2 met behulp van of door AI geschreven is. AI denkt dat zelf ook, maar is niet zeker. (Dat is nooit het geval). Hij geeft wel een aantal redenen waar ik me in kan vinden:
Verwijderen- De relationele dynamiek wordt vrij helder en thematisch uitgelegd.
- Sommige zinnen voelen als psychologische samenvattingen in plaats van geleefde ervaring.
- De spanningsboog is narratief netjes afgerond met een symbolische slotzin.
Beide teksten zijn met AI gegenereerd. AI maakt namelijk soms kromme vertalingen van het Engels naar het Nederlands. In Tekst 1 kan als voorbeeld genomen worden de zin 'Nu groeiden er alleen nog stugge struiken die niemand de moeite had genomen te snoeien. Wellicht een vertaling van 'Now only tough, unpruned shrubs grew there, which no one had bothered to trim.'
VerwijderenGrappig, ik vind juist tekst 2 veel natuurlijker lezen. Het geeft best goed menselijke emoties weer.
VerwijderenTekst 1 over de bloempot vind ik vlak en saai, en het leest ongemakkelijk. Dus ik hoop dat dat de AI tekst is :-)
Ik vind tekst 2 ook overduidelijk op de ai-tekst lijken. Gekke metaforen en veel purple prose dat nergens op slaat. Als iemand echt zo schrijft, lijkt de schrijfstijl verdacht veel op de patronen van chatgpt.
VerwijderenT zal wel grappig zijn als iedereen het nu fout blijkt te hebben. Maar ik denk het eigenlijk niet.
BeantwoordenVerwijderenKunnen we nog een testje doen? Iets moeilijker dit keer?
Een probleem met het herkennen van door AI geschreven tekst ontwaakt zich met deze twee teksten. Beide teksten kunnen door een mens en door AI zijn geschreven.
BeantwoordenVerwijderen- De tweede tekst is afschuwelijke kitscherige taal die vol staat met vage beeldspraak en met zinnen die klinken alsof ze fluisteren. Zo af en toe kort. Rustig, pauze, op het juiste moment. Soms Stacato. En dan weer zwierig afwisselend met wat lengte.
Dit is typisch voor AI, maar kan ook heel goed door een mens worden geschreven. Het is net als die tekstjes op LinkedIn of nieuwsartikelen. Ze volgen een bepaald format en een formule met bepaalde truukjes en populaire toeters en bellen. Daar heb je niet per se AI voor nodig.
- De eerste tekst klinkt wat dat betreft lekkerder. Het omvat weinig inhoud maar de tekst is minder overdreven opgepompt. Echter, wanneer mensen denken dat dat niet door AI kan worden geschreven dan hebben ze het mis. Met goede instructies is AI prima in staat om zo een tekst te schrijven. Zeker ook omdat het een vrij korte tekst is met weinig inhoud.
Langere teksten, dát is iets waar AI zoals chatGPT nog moet leren. Het herkennen (en daaraan gelinkt het genereren/vertalen) van tekst, plaatjes, geluid, dat is makkelijker op kleine schaal en op detailniveau. Wat AI vooralsnog niet goed heeft dat is de abstracte kijk en een globaal overzicht. Wanneer AI een boek leest dan is dat woord voor woord, en zin voor zin. Er is maar een beetje ruimte voor alinea voor alinea, en pagina voor pagina gaat heel slecht, laat staan een gehele tekst. Er zijn wel van die algoritmes met een terugkoppeling die een hele stroom aan informatie verwerken, maar de training daarvan is beperkt.
Dit krijg ik uit de gratis standaard rauwe chatGPT (een 4.x versie) met de volgende prompt. Er zitten nog altijd wat van die stomme zinnen in zoals 'de muren antwoordden met een dunne echo' en 'wachtte op logisch geluid', maar interessant is dat het verhaal gaat over iemand die een bloempot komt brengen. Met wat aanpassingen en training kan het verhaal eenvoudig wat natuurlijker klinken. Dat opgepompte van de tekst 2 is helemaal niet noodzakelijkerwijs een output van AI.
Verwijderen> Schrijf een origineel verhaal van ongeveer 300 woorden over Nora die net is verhuisd. Absurd, maar wel begrijpelijk of dat uitleg nodig is. Zorg voor karakter ontwikkeling en een boeiende spanningsboog. Gebruik natuurlijke taal en show don't tell. Gebruik níét de woorden 'alsof' en 'maar' en gebruik géén overdaad aan cliché beeldspraak.
Nora zette de laatste doos neer in de woonkamer en luisterde naar het lege huis. De muren antwoordden met een dunne echo. Buiten draaide een vuilniswagen drie keer dezelfde straat in, telkens achteruit, telkens zonder chauffeur. Ze kneep haar ogen dicht, wachtte op logisch geluid. Niets veranderde.
De sleutelbos van de vorige bewoner hing nog aan een spijker. Aan elke sleutel zat een label: keuken, kelder, morgen. Nora fronste. Ze draaide de sleutel met het woord morgen in het slot van een kleine deur onder de trap. De deur ging open naar een trap die omhoog liep.
Ze klom. Elke trede kraakte in een ander tempo. Boven vond ze een kamer met verhuisdozen, allemaal gelabeld met haar eigen handschrift. Eén doos stond open. Daarin lag haar oude koffiezetapparaat, kapot sinds jaren. Het lampje brandde groen.
Beneden ging de deurbel. Nora schrok, rende omlaag. Voor de deur stond een jongen met een plantenpot.
“Die hoort hier,” zei hij.
“Ken ik jou?”
Hij schudde zijn hoofd. “Nog niet.”
Ze nam de plant aan. De aarde was warm. Toen ze opkeek, was de jongen verdwenen. Geen voetstappen, geen fiets. Alleen een natte afdruk op de stoep, in de vorm van een sleutel.
Die nacht sliep ze licht. Het huis tikte en zuchtte. Ze stond op, liep naar de keuken, zag de plant bewegen richting het raam. Een nieuwe scheut brak door de aarde. Aan het uiteinde hing een klein label: blijf.
Nora lachte zacht. De volgende ochtend haalde ze haar jas uit een doos die nog dicht was. Ze vond er een briefje in, duidelijk haar eigen handschrift: Geef het tijd.
Ze zette koffie met het apparaat dat niet kapot bleek. Buiten reed de vuilniswagen eindelijk rechtdoor. Nora keek toe zonder te knipperen. Het huis voelde minder leeg. Ze hing haar sleutelbos naast die van de vorige bewoner en liet de deur openstaan terwijl ze uitpakte.
Deze prompt maakt al iets normaler en ik denk met wat specifieke training en meerdere herhalingen van vragen dat je een vrij normale korte tekst kunt genereren. ChatGPT heeft immers miljoenen pagina's gelezen en kan best goed schrijven als het om een korte tekst gaat. Je moet het alleen helpen dat het niet die glibberige taal wordt.
Verwijderen> Schrijf een origineel verhaal van ongeveer 300 woorden over Nora die net is verhuisd. Zorg dat je eerst het plot alinea voor alinea hebt verzonnen en werk pas daarna het hele verhaal uit. Begin met dit alinea overzicht. Wees absurd en fantasievol, maar wel begrijpelijk zodat geen uitleg nodig is. Zorg voor veel karakter ontwikkeling en een boeiende spanningsboog. Gebruik natuurlijke taal en veel show don't tell. Gebruik níét de woorden 'alsof' en 'maar' en gebruik géén beeldspraak en clichématige structuren. Maak het rauw. Schrijf in het Nederlands alsof je een top auteur bent uit de Engelstalige literatuur.
**Alinea-overzicht (plot)**
1. Nora arriveert in haar nieuwe appartement met te veel dozen en een kapotte sleutel. Het gebouw reageert vreemd op haar aanwezigheid.
2. Ze ontmoet een buurman die haar naam al kent en haar waarschuwt voor geluiden in de muren. Nora negeert hem en probeert controle te krijgen over haar nieuwe leven.
3. ’s Nachts hoort ze stemmen uit de leidingen. Ze besluit het niet te verdringen en antwoordt terug, waardoor iets onverwachts wakker wordt.
4. De volgende dag verandert het appartement subtiel: deuren staan op andere plekken, een kamer verschijnt die er eerder niet was. Nora raakt gefrustreerd en besluit de confrontatie aan te gaan.
5. Ze volgt de stemmen naar een verborgen ruimte waar ze geconfronteerd wordt met een rauwe versie van zichzelf, vol woede en spijt over de verhuizing.
6. Nora kiest niet voor vlucht of ontkenning. Ze accepteert dat het huis reageert op haar keuzes en neemt bezit van de ruimte, waardoor rust terugkeert.
7. Aan het einde voelt het appartement niet langer vreemd. Nora opent het raam en blijft, dit keer uit vrije wil.
---
Nora stond met haar knie tegen de voordeur te duwen, dozen om haar heen, zweet in haar nek. De sleutel draaide niet. Ze vloekte zacht, probeerde opnieuw, hoorde binnen iets verschuiven. Toen klikte het slot vanzelf open. De gang rook naar stof en nat karton. Haar adem ging sneller, haar handen deden hun werk zonder nadenken.
Een man leunde tegen de trapleuning toen ze naar boven liep voor de laatste doos. “Je bent laat,” zei hij. Hij kende haar naam. Nora knikte kort, trok de deur dicht. Achter haar klonk een bonk in de muur, drie keer. Ze zette muziek aan, veel te hard, stapelde dozen op kleur, op gewicht, op wanhoop.
Die nacht werd ze wakker van gefluister in de radiator. Geen woorden die ze kende. Ze ging rechtop zitten en zei: “Stop.” Het gefluister hield op. Daarna kwam een lage lach uit de keuken. Haar voeten vonden vanzelf de vloer, koud, stoffig. Ze antwoordde weer, harder nu. De leidingen trilden.
Ochtendlicht viel vreemd binnen. De gang was langer. De badkamerdeur zat ineens links. Een nieuwe deur stond half open, verf nog nat. Nora voelde hitte in haar borst. Ze liep erop af, schopte hem open.
Binnen zat stilte. Eén stoel. Op de stoel haar oude jas, die ze had weggegooid voor de verhuisdag. Ze pakte hem vast, rook regen en sigaretten. Er schoot iets door haar heen, scherp, onuitgesproken. Woede. Opluchting. Alles tegelijk.
“Goed dan,” zei ze tegen de lege ruimte. Haar stem brak niet. “Ik blijf.”
Het huis ademde uit. Geluiden zakten weg. Later zette Nora het raam open. De straat klonk gewoon. Ze bleef staan, handen op de vensterbank, en wachtte nergens meer op.
Ter aanvulling op deze discussie: ik vond een interessant artikel, met een goede samenvatting van wat de verschillen zijn in omgaan met AI. Ook goed toepasbaar voor wie een goed schrijver wil zijn/worden/blijven.
BeantwoordenVerwijderen“Het is goed om onderscheid te maken tussen cognitieve uitbesteding en cognitieve ondersteuning. Bij wie AI een ingewikkelde morele vraag voorlegt, om het antwoord vervolgens klakkeloos over te nemen, is er sprake van cognitieve uitbesteding. Het denken gebeurt elders en de gebruiker bekommert zich alleen om het resultaat.
Als iemand dezelfde AI-toepassing gebruikt om argumenten te ordenen, tegenwerpingen te verkennen of blinde vlekken te signaleren, maar zelf blijft wegen en beslissen, is er sprake van cognitieve ondersteuning. In het eerste geval wordt het oordeel uitbesteed, in het tweede geval wordt het denken verdiept.
Een sleutelbegrip is hier metacognitie, oftewel het vermogen om bewust zicht te houden op het eigen denken, dit te volgen, te beoordelen en waar nodig bij te sturen. Het ontwikkelen en cultiveren van metacognitieve vaardigheden in de omgang met AI is essentieel om de regie over het eigen denken te behouden. Dit vraagt om doelbewuste planning, kritische evaluatie van AI-output en het toelaten van bewuste denkvertraging, juist als snelle en overtuigende antwoorden verleidelijk zijn. Zo holt AI het denken niet uit, maar ondersteunt het dat juist.”
https://www.nd.nl/varia/varia/1304759/worden-we-dommer-van-ai-slurpt-het-algoritme-stroom-worden-mensen-uitgebuit-deze-expert-scheidt-feit-en-fictie
De uitslag van het experiment van Marjolein is onder de tekstjes geplaatst.
BeantwoordenVerwijderenHier is de link: https://verhaalvdmaand.blogspot.com/2026/02/ben-je-een-schrijver-of-een-schraiver.html#comments:~:text=Uitslag%20experiment%20Marjolein
VerwijderenDan zat ik er alvast totaal naast! :-)
VerwijderenIk ook!
VerwijderenDus iedereen had het verkeerd?
BeantwoordenVerwijderenEn toen was het stil...
BeantwoordenVerwijderenHet Marjolein-experiment laat vooral zien dat teksten met bepaalde stilistische kenmerken niet automatisch AI-gegenereerd zijn. Dank aan Marjolein voor het opzetten en delen van deze proef.
BeantwoordenVerwijderenExcuus voor de late reactie, ik heb drukke dagen deze week. Daarnaast wilde ik afwachten wat anderen van de twee teksten vonden.
BeantwoordenVerwijderenMarjolein onderstreept met deze voorbeelden mijn punt. De basis voor mij is de literaire kwaliteit (wat dat ook moge zijn) van een tekst. AI levert ‘gladde’ teksten op, veilig, met weinig emotionele diepgang – dat zie ik terug in tekst 1. Maar ook tekst 2 raakt mij niet, en vertoont daarbij stijlvormen die AI ook laat zien. Ik ga haar woorden niet in twijfel trekken, het is natuurlijk mogelijk dat ook een menselijke schrijver dat idioom hanteert. En er zal een publiek voor zijn.
Linksom of rechtsom, AI kan (nog steeds) niet wat de betere schrijvers wel kunnen; verrassen, schuren, ontroeren, scherp creatief zijn. Misschien beweegt AI die kant op. Ik heb geen zin om daar de jury van te zijn en dat (hoe bescheiden ook) te faciliteren. Als ‘we’ dat prima vinden, dan zit mijn tijd bij VvdM erop.
De discussie of AI-teksten wel of niet detecteerbaar zijn is interessant, maar niet waar het mij om gaat. Mijn oproep is onveranderd: schrijf zélf, raadpleeg AI hooguit om jouw vaardigheden aan te scherpen. Wat mij betreft voert VvdM een self-assessment in, waarin elke inzender eerlijk aangeeft of AI-geproduceerde tekst (al dan niet bewerkt) in het verhaal is opgenomen. En een stap verder, ik raad VvdM aan om daar een grens te trekken en alleen authentiek menselijk geschreven verhalen toe te laten tot de wedstrijd. Daarmee komt het aan op de eerlijkheid van de inzenders. Niet waterdicht, maar te prefereren boven een onvermijdelijk toenemend wantrouwen naar de herkomst van teksten.